Werken in, aan of rond de woning. Vergunning, melding of helemaal niets?

Werken in, aan of rond de woning. Vergunning, melding of helemaal niets?

Iedereen die een bepaald project wenst te verwezenlijken, moet zich voorafgaandelijk de vraag stellen of er voor de realisatie van dit project een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen vereist is.

Als algemene regel bepaalt de Vlaamse decreetgever dat niemand stedenbouwkundige handelingen mag stellen zonder in het bezit te zijn van een omgevingsvergunning, zoals:

Het verrichten van bouwwerken, o.a. het optrekken of plaatsen van een constructie; het functioneel samenbrengen van materialen waardoor een constructie ontstaat; het afbreken, herbouwen, verbouwen en uitbreiden van een constructie. Indien de geplande bouwwerken enkel beperkt blijven tot onderhoudswerken aan de reeds bestaande constructies waarvoor reeds een omgevingsvergunning werd bekomen, hoeft men niet opnieuw een omgevingsvergunning aan te vragen.

Het ontbossen en het vellen van bomen die op een hoogte van één meter boven het maaiveld een stamomtrek van één meter hebben.

Het reliëf van bodem aanmerkelijk wijzigen, o.a. door de bodem aan te vullen, op te hogen, uit te graven of uit te diepen waarbij de aard of de functie van het terrein wijzigt.

Een grond gewoonlijk gebruiken, aanleggen of inrichten voor het opslaan van gebruikte of afgedankte voertuigen of van allerlei materialen, materieel of afval, het parkeren van voertuigen, wagens of aanhangwagens, het plaatsen van één of meer verplaatsbare constructies die voor bewoning kunnen worden gebruikt.

Het geheel of gedeeltelijk wijzigen van de hoofdfunctie van een bebouwd onroerend goed indien er voor de desbetreffende functiewijziging een vergunningsplicht wordt voorzien.

Het opsplitsen van een woning of het wijzigen van het aantal woongelegenheden in een gebouw die hoofdzakelijk bestemd zijn voor de huisvesting van een gezin of een alleenstaande.

Het aanleggen of het wijzigen van recreatieve terreinen, o.a. een golfterrein, een tennisveld of een zwembad.

Het plaatsen of aanbrengen van publiciteit.

Rekening houdend met het tijdelijk of occasioneel karakter van de handelingen of de ruimtelijke impact van de handelingen omwille van hun omvang, aard of ligging stelt de Vlaamse decreetgever krachtens artikel 4.2.3. van het Vlaams Codex Ruimtelijk Ordening sommige handelingen vrij van het bekomen van een omgevingsvergunning.

De Vlaamse decreetgever heeft in het Besluit van 16 juli 2010 tot bepaling van stedenbouwkundige handelingen waarvoor geen omgevingsvergunning nodig is (het Vrijstellingsbesluit) bepaald welke stedenbouwkundige werken vrijgesteld zijn van de verplichting tot het aanvragen van een vergunning. Aangezien de vrijgestelde werken een uitzondering vormen op de algemeen geldende vergunningsplicht werden de werken die in aanmerking komen voor een vrijstelling heel nauwkeurig omschreven in het besluit.

In sommige andere gevallen waar er geen vrijstelling kan zijn, maar de beoordelingsmarge van de vergunningverlenende overheidsorgaan minimaal blijft omwille van het eenvoudige en gangbare karakter van de handelingen of indien deze handelingen onderworpen zijn aan nauwkeurige stedenbouwkundige voorschriften, vervangt de Vlaamse decreetgever de vergunningsplicht met een meldingsplicht. In dit geval moet men de geplande bouwwerken eenvoudigweg melden aan de bevoegde overheid vooraleer de werken een aanvang mogen nemen.

Welke werken in aanmerking komen voor een meldingsplicht worden opgenomen in het Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de meldingsplichtige handelingen ter uitvoering van de Vlaams Codex Ruimtelijke Ordening of kortom het Meldingsbesluit.

Bijvoorbeeld, als er werken uitgevoerd zouden worden binnen een reeds vergund of vergund geacht gebouw, dan wordt de vergunningsplicht vervangen door een meldingsplicht op voorwaarde dat er geen vergunningsplichtige functiewijzigingen worden doorgevoerd. Hierbij moet het aantal woongelegenheden eveneens ongewijzigd blijven. Daarentegen, indien de geplande bouwwerken zijgevels, achtergevels en daken betreffen van de reeds vergunde of vergund geachte gebouwen, dan wordt er bijkomend gevraagd dat het fysiek bouwvolume en bouwoppervlakte eveneens ongewijzigd blijft om de vergunningsplicht door een meldingsplicht te kunnen vervangen.

Het Meldingsbesluit vermeldt per handeling die in principe vergunningsplichtig is, de voorwaarden voor de afwijking van het vergunningsplicht. Opmerkelijk hierbij is dat de provinciale en gemeentelijke stedenbouwkundige verordeningen ondanks het decreet toch deze werken onderwerpen aan een vergunningsplicht waardoor het belangrijk is dat men zich in eerste instantie informeert bij de gemeente.

De vraag stelt zich dan hoe men een melding kan doen. Daarvoor zijn er twee manieren. Men kan via het Omgevingsloket door het digitaal indienen van een aanvraagformulier en de benodigde stukken zijn meldingsplicht voldoen. Daarnaast bestaat er in beperkt aantal gevallen nog de mogelijkheid om op papier een melding te doen.

De melder mag trouwens pas met de geplande bouwwerken starten wanneer de bevoegde overheid een aktename bezorgt aan de melder. Indien de bevoegde overheid in gebreke blijft om binnen de in het decreet bepaalde termijn een aktename te bezorgen dan wordt dit beschouwd als een stilzwijgende aktename waardoor u de werken kan laten aanvangen.

Blog image

Het antwoord op de vraag of een stedenbouwkundige handeling onderworpen is aan een vergunningsplicht, meldingsplicht of dat het mogelijks zou genieten van een vrijstelling is niet steeds evident aangezien men met heel wat regelgeving en interpretatie/nuances rekening moet houden. Voorzichtigheid is hierbij zeer belangrijk aangezien omgevingsrechtelijke inbreuken vaak streng gesanctioneerd worden.

Bent u van plan om een of andere stedenbouwkundige handeling te laten uitvoeren maar wenst u hier zeker geen fouten in te maken, aarzel niet om ons te contacteren voor een uitgebreid advies?